Presentatie Kopstoot – speech Ivo Victoria
Lieve vrienden,
De afgelopen uren heb ik mij vaak afgevraagd waarom Eva Mouton mij gevraagd heeft om hier te komen spreken vanavond, preciés op dezelfde avond dat de NS een landelijke treinstoring organiseerde. Waardoor ik hier slechts vijf minuten geleden arriveerde, uitgeput en onzeker, en op dit moment in het gevaar verkeer dezelfde grappen te gaan maken als de vorige sprekers.
Maar het grootste probleem dat ik heb met Eva Mouton is dat ze te succesvol dreigt te worden. En het einde is vooralsnog niet in zicht.
Op vier dagen na precies drie jaar geleden zag ik Eva Mouton voor het eerst in levende lijve, hier in Nijmegen, op ditzelfde Wintertuin festival. Eva was toen nog onbekend, niet al te beloftevol en verlegen, met een sfinxachtige uitstraling.
Later zou ik over die avond schrijven, in een correspondentie van liefdesbrieven die ik in het belang van de literatuur met Eva voerde.
Een kort fragment uit de eerste liefdesbrief die ik Eva schreef:
Het was in november.
Ik rookte een sigaret onder het afdak bij de entree van het theater, samen met de andere paria’s. Met de kennis van nu kan ik zeggen dat het niet koud was, die nacht in Nijmegen. Ik had er een verhaal voorgelezen, net als jij, en de mensen hadden geluisterd en gelachen op de juiste momenten – dat is al iets tegenwoordig.
We waren met velen, doordrenkt van drank en rook en we praatten als oude vrienden die elkaar grappen vertelden waar ze vroeger samen om lachten.
Toen zag ik jou. Je zweefde door de massa en rond je mond speelde een glimlach, als een kind. Mijn ogen grepen zich vast aan die glimlach, Eva, ze wilden niet meer los laten. Vraag me niet waarom.
Alle gezichten van alle mensen die daar buiten stonden werden vlak. Zonder ogen, zonder mond, zonder neus, maar vlak, als beton. Beton met haar op. En de woorden die ze spraken versmolten tot vormloos geluid. Tussen die mensen van beton en in dat donkere geluid, gleden jij en je glimlach, roerloos. Alsof jullie ergens anders waren, in een andere tijd.
Onze blikken kruisten elkaar. Heel even, als degens, een korte tik van staal. Daarna verdween je in doorweekte jassen en schel kabaal.
Ja, lieve mensen, dat was wat de Eva Mouton anno 2009 nog teweeg kon brengen bij een schrijver. Mooie tijden. Ik denk graag terug aan de Eva Mouton die ik toen gekend heb, toen ze nog underground was.
Na die eerste ontmoeting ging ik Eva Mouton researchen. Dat is nu eenmaal wat schrijvers doen en zeker schrijvers van rond de veertig en zeker sinds het internet bestaat: jonge meisjes googlen, inzoomen op hun profielfoto’s, jezelf afvragen of ze gefotoshopt hebben. Tevens bekeek ik uiteraard haar creatieve werk. Wezenloze, geschifte tekeningen, vaak even geestig als gruwelijk. Veel zelfportretten, viel mij op. Eén van de eerste zinnen die Eva ooit in real life tegen mij uitsprak was: ‘Ik heb de gewoonte genante situaties te benoemen.’
Tot op heden nog steeds een behoorlijk goeie definiëring van haar werk.
Er heerst voortdurend ongemak en verwondering, humor en schaamte. Wanneer je de teksten of tekeningen van Eva leest of bekijkt zie je niks wat je nog niet kende, alleen zet Eva jou haar bril op en plots worden de liefste dingen akelig en de wreedste dingen ontroerend.
Heel mooi. Ik pakte er graag mee uit, in beperkte vriendenkring van intellectuelen die haar nog niet kenden. Helaas was ik niet de enige die dit deed. Niemand kan ook eens gewoon zijn bek dicht houden wanneer hij iets moois ziet. En aldus ligt deze fase uit Eva’s carrière, toen ze nog van ons was, nu bijna achter ons.
Een eerste veeg teken was toen Eva besloot haar persoonlijke Facebook account te scheiden van haar fanpage. Dat doen alle beroemdheden: privé en werk scheiden.
Die fanpage bezwijkt nu haast onder de duimpjes.
Daarna was het hek van de dam: slag om slinger stond ze op de cover van diverse Vlaamse weekbladen, alras volgde haar eigen tekencolumn in DS Magazine, en het zou mij niet verbazen als zij op korte termijn opduikt in een populaire spelshow aan de zijde van Bart Peeters of Bart De Wever.
Hier in Nijmegen is dat gelukkig anders. Daarstraks nog, bij aankomst, vroeg ik aan de taxichauffeur wat hij dacht als ik zei: ‘Eva Mouton’. Zijn antwoord: ‘Ik ken geen Frans maar volgens mij moet dat Ca va zijn.’
Maar dat is Nijmegen. (en tevens de flauwste mop uit dit betoog, mag ik hopen)
Wist u dat Eva eigenlijk gedurende een paar weken lang artist in residence in Nijmegen ging zijn afgelopen zomer en na welgeteld 24 uur terugkeerde naar Gent? Ik putte moed uit dat bericht.
Maar het heeft niet mogen zijn. Want daar istie dan toch, de laatste stap richting complete sell-out: een eigen magazine. In de voetsporen van Goedele Liekens en Linda De Mol.
(zucht)
Een zorgelijke ontwikkeling en dus nam ik met het nodige voorbehoud Kopstoot ter hand. Wat zou Eva ervan gebakken hebben?
Een fotoshoot waarin zij de gedaante aanneemt van diverse sterke vrouwen doorheen de geschiedenis van Jeanne d’Arc tot Hilary Clinton?
Tien tips om je eigen button te ontwerpen?
Een vragenrubriek over het kweken van Sanseveria’s?
Eva onthult haar geheim: zo word je mysterieus en succesvol tegelijk?
Nou nee. De eerste pagina’s bevatten wasspelden, een jongen met een zwarte vlek op zijn hoofd en een – jawel – sanseveria in een vaas met een paarse schaduw.
Een hele opluchting kan ik u vertellen.
Verderop: een naar zichzelf vernoemde boeing, honden met goeie snorharen, een monchichi met een geel slabbetje.
Kijk. Als Goedele Liekens nu eens wat vaker aan monchichi’s met gele slabbetjes had gedacht, dan was haar blad nu niet failliet.
Kortom. Ik zal het maar toegeven. Mijn grootste probleem met Eva Mouton is dat ze niet langer mijn geheim is. Ik moet noodgedwongen en met lichte tegenzin bekennen dat wellicht nog niet alles verloren is voor Eva Mouton. En daarmee ook niet voor ons, fans van het eerste uur. Natuurlijk, straks krijgt Eva haar eigen kledinglijn, haar eigen parfum, haar eigen kaftpapier en haar eigen meststof voor binnenhuisplanten. Uiteraard. Dat gaat gebeuren.
Maar met Eva is het zoals met kinderen – je krijgt er zoveel voor terug. Ze houdt je scherp, ze negeert wat je verwacht, ze gunt je een glimp van een universum waar elk van ons wel eens naar smacht, ze ziet wat wij niet zien of willen zien, ze geeft zich bloot en laat zich toch niet kennen, ze neemt zichzelf genadeloos onder de loep, en toont haar onzekerheid op zo’n manier dat ze ons confronteert met onszelf.
Vaak, wanneer je mensen vraagt om uit te leggen waarom ze iets – een boek, een theaterstuk, een tekening – mooi of goed vinden, dan zeggen ze dat het zo ‘herkenbaar is’. Of ook, wanneer ze het slecht vinden, dan zeggen ze dat ze het slecht vinden omdat er niks wordt opgelost, omdat ze niet weten wat ze ermee aan moeten.
Eva, hooggeacht publiek: negeer deze mensen.
En dat is wat Eva’s werk onderscheidt van de middelmaat, om van Goedele Liekens of Linda de Mol nog maar te zwijgen.
Lieve Eva, gefeliciteerd.
Ivo Victoria.
