|
|
|
Thomas Möhlmann & Wafae Ahalouch el Keriasti
Hijs hem op een paard en zwaai, zwaai
de benen in beweging, de handen in de lucht een nieuw dorp in as, zwaai de scholieren hun uniformen uit, hun grootouders op krukken zwaai met alle gevonden voorwerpen met alle liefde, met vooruitgestoken borst zwaai en slaak kreten, zwaai en sla elkaar op de schouder, kraai victorie na weer een glorieuze dag, sla op de knieën van het paard, knoop de bloesjes van boven naar onder open, zwaai met hemden zwaai uitzinnig, steek die borsten vooruit steek diep in de borst van het paard, draag doeken met aanmoedigingen door het dorp leuzen om te schreeuwen, liederen uit volle borst, neem schoffels en geweren, neem dochters en drank, dring en zwaai deuren uit hun voegen vogels van hun tak, de kruimels van het pad spits de oren, hef het glas, hef massaal de neuzen bejubel zijn goedgeefsheid, honger? slacht het paard! dorst? alle dochters zijn de zijne, zie hoe groot en stevig hun borsten! hoe hard hun tepels! volg zijn spoor, laat hem lopen, laat hem eindeloos voor ons lopen, laat wie niet volgen kan op krukken achter, geef schaduw en frisse lucht aan wie zijn laatste adem uitblaast, het pad is geëffend en recht, de treden zijn van goud in het laatste middaglicht, het bordes van zijn nieuwste paleis is breed genoeg voor iedereen schenk zijn kelk tot de rand toe vol, bied hem een stuk van zijn paard, van een arm, een dochter aan, zwaai en neem hem de last van zijn jas af, zwaai en volg hem de trappen op, de gangen door, laat hem zich ontkleden sla de kussens, sla de dekens open, wrijf de mooiste dochter van vandaag met reukwaar en olie in, leg een erfstuk om haar zachte nek, laat haar fluisteren speld hem ten slotte voor de badkamerspiegel een glimlach op, geef hem zijn ogen terug, om te kijken om te sluiten. Thomas Möhlmann – 2008 |
|
|
|
|