Succesvolle jubileumeditie Nijmeegs Boekenfeest
Afgelopen zaterdag genoten nagenoeg 1500 literatuurliefhebbers in concertgebouw De Vereeniging van het vijfde Nijmeegs Boekenfeest. Ook na middernacht, toen de voordrachten en interviews ten einde waren, werd er nog in groten getale geswingd op de gipsy jazz van La Femme Belge en de Franse disco-plaatjes van dj’s Vic van de Reijt & Ron Tebbens.
Koning van het Boekenfeest was schrijver van het Boekenweekgeschenk Kader Abdolah. Hij wilde het eigenlijk over boeken hebben, maar gaf het publiek een interessante geschiedenisles over Perzië en vertelde over zijn vlucht van Iran naar Nederland. Vluchtelingen zonder geld belandden in Nederland in plaats van in Amerika, waar het land wel groot en de taal niet te moeilijk was. Na drie arrestaties met valse paspoorten legde hij zich bij zijn lot neer, en haalde een Jip en Janneke uit de bibliotheek, om het Nederlands onder de knie te krijgen en zijn droom te verwezenlijken: een grote Nederlandse schrijver worden.
Kamagurka pakte de zaal al snel in met zijn absurdistische humor. Het maakte niet uit of het nu over België versus Nederland, de dokter, bakker en slager, honden of wijn ging: alles wist hij in zijn unieke wereldbeeld en daarmee in een hilarische context te plaatsen.
Jan Mulder werd geïnterviewd over zijn sportverleden bij Anderlecht, en las voor uit zijn biografie Chez Stans: hoe zij telkens verdwaalden op de grote reis van een klein Gronings dorp naar dat immense Brussel, en dat hij in bed belandde met Catherine Deneuve (“Haar knie! Wat een knie!”).
Het verrassingsoptreden in de Concertzaal betrof de presentatie van een nieuw stadsgedicht van Nijmeegs stadsdichter Dennis Gaens. Hij maakte een geschreven portret van de uitbater van het frietkeetje op het Keizer Karelplein. De mensen kregen het gedicht als briefkaart mee naar huis, met op de andere kant een bouwpakket van het frietkeetje.
P.F. Thomése droeg in een uitpuilende Kleine Zaal voor uit zijn romans J. Kessels: The Novel en De Weldoener. Het waren spraakmakende verhalen over de liefde, subtiel en ruw en steeds net geen seks. Hij sloot af met een nieuw verhaal over Tilburgse avonturen met J. Kessels en Peer Sondermans. Dat verhaal kan wel eens het begin zijn van het Boekenweekgeschenk van volgend jaar, mocht hij gevraagd worden, zo grapte Thomése.
Barbara Stok vertelde verhalen bij haar puntige en persoonlijke striptekeningen, die op een groot scherm werden vertoond. Het publiek was zeer aandachtig en enthousiast. De strips gingen over schreeuwen tegen een oud vrouwtje in een bioscoop omdat ze met haar been tegen je aan zit, maar dat blijkt uiteindelijk een paraplu te zijn. En over je proberen in te houden als je een flinke kras op je auto hebt: even hou je het vol, maar uiteindelijk sta je toch te vloeken. Alledaagse situaties worden door strippersonage Barbara net iets anders aangepakt dan je zou verwachten.
Dr. Carlo Leget ging in op belangrijke levensvragen, aan de hand van zijn boek Van levenskunst tot stervenskunst. Over spiritualiteit in de palliatieve zorg. Theater Pluim zorgde voor een bijpassende vrolijke noot. De Liegbiowedstrijd van Op Ruwe Planken werd gewonnen door Vincent van Meenen, met zijn fictieve biografie 23 Oktober. Tweede en derde prijs kregen Valérie Bongaarts met Vrije Uitloop en Jolies Heij met Sirenen. Winnaresen van schrijfwedstrijden Aan het woord! en De Nijmeegse Nieuwe, Frouke Arns en Marleen Roncken, droegen hun winnende verhaal voor.
In het café werd het publiek vermaakt door de de fijne plaatjes van DJ Jos Lenkens en de live striptekeningen van Erik Molkenboer, die de gebeurtenissen en optredens om hem heen meteen van grappig comentaar voorzag.
Literair talent Florence Tonk werd door Rutger Martens geïnterviewd over haar dichtbundel Anders Komen De Wolven en vooral over haar roman Blijf bij ons. Over het verschil tussen poëzie en proza zegt Tonk: “Proza is bloter, poëzie is een beetje orakeltaal, maar poëzie is wel persoonlijker.” Tonk vertelde verder over de Oekraïne, over de moderne intellectuele vrouw die moeite heeft met het maken van keuzes, over de botsing tussen twee culturen en over de sensuele lading van haar werk.
Vervolgens betrad Vic van de Reijt, schrijver van de zeer succesvolle Elsschot-biografie het podium. “Als je niet van het proza van Willem Elsschot houdt, heb je geen gevoel voor humor”, stelde Van de Reijt. Hij is van mening dat nog maar weinig hedendaagse schrijvers de onderkoelde humor en de ironie van Elsschot hebben. Het literaire wereldje vindt Van de Reijt een circus, vol hypes, mensen die achter elkaar aanlopen en eigenlijk nauwelijks nog lezen. En dat circus draait op volle toeren tijdens de Boekenweek. “Als Elsschot nog had geleefd, had hij daar vast een boek over geschreven.”
Slotact van de avond was de band La Femme Belge. De vijf Vlamingen bracht een overvolle zaal in beweging met subtiele en tegelijkertijd zeer swingende jazz en gipsy. Er werd volop gedanst, ook bij hun muzikale bewerking van een gedicht van Willem Elsschot, in het kader van Poetracks.
Het ging in de Kleine Zaal nog tot in de kleine uurtjes door met de fantastische Franse disco van Vic van de Reijt en Ron Tebbens. Zij hielden jong en oud in beweging op de dansvloer, met plaatjes waarvan je niet wist dat je ze kende, en brachten het jubilerende Nijmeegs Boekenfeest tot een feestelijk einde.
